Lotgenoten

Lotgenoten zijn niet je vrienden, althans niet per definitie. Je voelt vaak wel een band doordat je vergelijkbare dingen meegemaakt hebt, maar zoals in de gewone wereld heb je mensen met wie je een klik hebt en mensen met wie je dat helemaal niet hebt. Mijn ervaring met lotgenotencontact is dat je een tijdje met elkaar mee loopt en dat dat werkt zolang je er zelf iets aan hebt. Soms raak je bevriend en dat is dan omdat je ineens zoveel meer blijkt te delen dan alleen de kanker. Dat is bijzonder, heel bijzonder.

Ik krijg regelmatig mail, ook van mensen die ik niet ken. Dat komt doordat ik op internet vrij openhartig schrijf onder andere over mijn ervaringen met de laatste operaties. Ik vind het niet erg als mensen mij mailen. Als ik ze kan helpen met mijn verhaal, doe ik dat graag. Dat geeft me het gevoel dat mijn ervaringen niet voor niks zijn geweest.

Toen ik in maart met mijn zus in Gent was, troffen we in de wachtkamer twee vrouwen, waarvan er één mijn blog gelezen had. Daar had ze me over gemaild en het kan best zijn dat ik in mijn naïviteit daarbij mijn telefoonnummer vermeld heb. Misschien had ze door mijn blog het gevoel dat ze me heel goed kende, ik weet het niet, maar daar in de wachtkamer eiste ze een ruimte op die ik niet voor haar had. Ik was daar met mijn zus. Die wist net dat ze kanker had en dat had een enorme impact op haar en natuurlijk ook op mij. Met beide vrouwen voelde ik geen klik en doordat ze luidruchtig meenden mijn aandacht op te kunnen eisen, voelde ik zelfs een soort antipathie. Ik reageerde nauwelijks en concentreerde me op mijn zus. Toen we de wachtkamer mochten verlaten, slaakten we allebei een zucht van verlichting en mijn zus vroeg of ik die vrouwen nou echt kenden. Nee dus. Gelukkig niet.

Een tijdje geleden werd ik gebeld. De vrouw aan de lijn had tegen Robert gezegd dat we elkaar kenden, dus dacht hij dat we lotgenotes waren van De Amazones. Bij de naam ging bij mij niet direct een lichtje branden. Toen ik haar terugbelde, zei ze dat we een tijdje gemaild hadden.

Het was de vrouw uit de wachtkamer. Ze had een probleem met haar verzekeraar en aangezien ik dat zo goed geregeld had, vroeg ze mij of ik naar haar verzekeraar wilde bellen. Nou wordt ie helemaal mooi. Die dacht dat ik gek was. Ik zei dat ik daar niet aan kon beginnen maar dat ik haar best een mail met de betreffende informatie kon sturen. Dat heb ik nog gedaan ook.

Nu waren Robert en ik afgelopen woensdag weer in Gent. We hadden in de auto lekker zitten kletsen, over onze verkeersactie en over de naderende feestmaand (planning is belangrijk bij ons, want in December volgen sinterklaas, de verjaardag van Isis en Kerst elkaar naadloos op). We waren onderweg gestopt bij een enorme Carrefour, waar we tig repen overheerlijke chocola kochten (puur met geconfijte stukjes sinaasappel en witte met kokos, mjammie) en rode en witte uienconfituur, waar we al 10 jaar naar op zoek waren, sinds die ene keer dat we dat in Antwerpen gegeten hadden. Omdat we afgelopen jaar regelmatig in België geweest zijn en omdat de weg inmiddels bekend is, voelen we ons meer en meer thuis en zo’n rit voelt toch alsof we een beetje op vakantie zijn.

We waren op tijd in Gent. Ik ging nog even ‘mijn handen wassen’, terwijl Robert in de wachtkamer ging zitten. Toen ik ook wilde gaan zitten, zag ik in mijn ooghoek een bekende verschijning, dezelfde vrouw. Ze zat daar heel theatraal te zuchten. Ai.

Ik dook direct met mijn neus in mijn agenda en pakte daarna een tijdschrift. Op een gegeven moment ging ze voor me hangen en zei: ‘Psssssst, hallo…’. Robert en ik keken op en zeiden ook hallo. ‘Ken je me niet meer?’ Ik zei: ‘Nou, nee, je komt me niet bekend voor.’ Robert zag aan me dat ik loog. Ik ben namelijk heel goed in het onthouden van gezichten, van namen en van allerlei overbodige details. De vrouw zei: ‘We hebben een tijd gemaild.’ Ze noemde haar naam. Ik zei dat er niet direct een belletje ging rinkelen. Heel pedant voegde ik eraan toe dat er best veel mensen zijn die mij mailen.

Het maakte allemaal niet uit. Ze begon haar verhaal: ‘Ik ben twee weken geleden geopereerd en heb op dezelfde kamer gelegen waar jij ook lag, naast mevrouw B.’ Er volgde een heel relaas van vanalles en nog wat. Ik knikte wat. In mijn ooghoek zag ik dat haar man in gesprek was met Robert en ik zag ook dat mijn Robert het geen zier interesseerde. Beleefdheidshalve vroeg ze nog hoe het met mij was. Naar het antwoord luisterde ze niet. Dat wilde ze helemaal niet weten. Die moet gedacht hebben dat ik voor de kat zijn viool in een wachtkamer in België zit te wachten, enkel en alleen om haar verhaal aan te horen…

En toen gelukkig, saved by the bell…. Mijn naam werd omgeroepen en we mochten weg uit de wachtkamer. Een zucht van opluchting slaakten we, allebei.

En nu maar hopen dat ik haar niet nog een keer tegenkom. Misschien leest ze mijn blog nog steeds. Nouja, dan zal dit wel de laatste keer zijn.

P.s. De vrouw in kwestie heeft hier gereageerd, onder een andere naam en alsof ze iemand anders was. Ze is gepikeerd en dat snap ik wel. Ze schrijft dat we uitgebreid gemaild hebben. Als dat zo was, zou ik daar nog wel wat van weten, maar er is niets van blijven hangen. Ik kan niet anders dan concluderen dat ik gewoon antwoord heb gegeven op haar vragen. Ik zou haar reactie hier wel hebben laten staan, ware het niet dat ze in die reactie weer een heleboel informatie over mij verspreidde, die ik niet per definitie op internet wilde hebben. Het respecteren van grenzen en privacy, daar gaat het om en dat is blijkbaar niet eenvoudig. Ik gun haar het beste. Het is niets persoonlijks. Ik vind het niet erg om te mailen. Ik vind het ook niet erg om met iemand in de wachtkamer te zitten, zelfs niet als iemand naast me zit, maar please, ga niet bij me op schoot zitten en please, lees niet mee in mijn tijdschrift. Respecteer mijn ruimte en mijn privacy.

Advertenties

10 Reacties op “Lotgenoten

  1. Tja, als ik heel eerlijk ben vind ik het toch wel erg hard klinken. Tenslotte zijn het ook vrouwen die ziek zijn en problemen hebben met hun verzekeraar. Misschien moeten ze wel grote bedragen zelf betalen en zijn ze wanhopig.Ik zou zelf niet zo kunnen reageren. Aan de andere kant snap ik wel een beetje wat je bedoelt. Iedere kankerpatient heeft zijn eigen zorgen en de zorgen van een ander kun je er eigenlijk niet bij hebben. Daarom is bloggen ook best moeilijk want je krijgt toch te maken met lotgenoten. Zelf heb ik besloten nergens meer op te reageren. Ik ga het voor mezelf afsluiten, mijn zus is overleden en dat is einde verhaal. Bij Mandy heb ik nog gereageerd en dat zal ik nog een laatste keer doen. Het vergt teveel en je kunt dingen niet afsluiten. Ik lees sommige blogs nog wel en ik hoop voor jullie natuurlijk het beste. Maar ik denk dat je verzoeken om hulp nooit moet afwijzen.

  2. Ik snap hem helemaal, Dees die haar grenzen aangeeft in lotgenoten contact. Die grens die ligt heel ver. Je weet dat ik me wel eens zorgen om je maak dat je te ver gaat in lotgenoten contact maar zolang het jou nog steeds meer geeft dan dat het neemt dan is het goed voor jou.
    Dus die mevrouw is echt flink overheen de grens heengedenderd.
    En afsluiten voor en van kankerervaringen: bijna niet te doen. Ook al zit je aan de andere kant van de wereld ongevraagd komt het elke keer weer op je pad. Dan moet je niet meer met mensen omgaan en op een onbewoond eiland gaan zitten zonder communicatiemogelijkheden.

  3. Ik ben het ermee eens dat een verzoek om hulp verschilt van iemand zijn persoonlijke grenzen niet respecteren.
    Je openheid nodigt mensen die zichzelf op zo’n manier proberen recht te houden (de angst is ook overweldigend) uit over je grenzen te gaan.
    Waar leg je de lijn.. Deze openheid helpt zo veel andere mensen!
    Ik vind het super dat je het verwoord (namens jezelf en anderen en voor degenen die hier nog niet bij stilstonden). En Dees; de manier waarop je het verwoord: ik vind het geweldig! Je combineert de ernst van de situatie (voor ieders standpunt in dit voorbeeld) met fijne droge humor. Heerlijk om te lezen en duidelijk om te brengen. Chapeau weer.
    Ik hoop dat deze vrouw haar broodnodige steun zal kunnen vinden in het officiële circuit en hoop dat het haar goed zal gaan.

  4. Hoi Dees, zonder hier ook een ei over te willen leggen, ben ik benieuwd hoe het je in Gent is vergaan. Grenzen zijn zo’n persoonlijk en moeilijk te onderscheiden begrip, voor anderen, maar vooral ook voor jezelf. Vaak herken je ze pas als je eroverheen gaat.
    Volgens mij kun jij niet beticht worden van cencuur, aangezien reakties zonder inzage van jou vooraf, gewoon worden geplaatst. Daarna is het het als reaktieplaatser uit onze handen en mag de blogeigenaar ermee doen wat hij/zij wil. En terecht.
    En terzijde, de dame over wie je schrijft, klinkt behoorlijk assertief en energiek.
    Goed voor jezelf zorgen, Dees, dat doet zij ook.
    Groetjes, Mikki
    (die het niet kan laten hier ook wat van te vinden)

  5. Je mag het censuur noemen. Het maakt me niet uit. Het is mijn blog. Ik haal niet snel reacties weg, behalve als daarin details over mijn ziektegschiedenis staan, die ik niet op internet wil hebben.

  6. Lieverd, jouw grensen zijn van jouw en van jouw alleen en anderen hebben die te respecteren.
    Als ze dat niet snappen dan is het geen censuur als je berichten weghaalt maar puur zelfverdediging. En dat is altijd geoorloofd.

    Dikke kus.

  7. Lieve Dees, Dit is een hele discussie geworden! Hieruit blijkt maar weer eens dat het moeilijk is om te begrijpen wat de ander denkt en voelt. Inderdaad je eigen grenzen bepalen en tegen de ander zeggen, dat schept duidelijkheid. De vrouw in kwestie zal zich niet meer aan je opdringen. Dus, doel bereikt! En nu stel ik ook ‘mijn’ grens en dat is dat ik me hier verder niet mee bezig ga houden…

  8. Kom je ff knuffelen.

    Je doet het volgens mij geweldig. (Heb ik ff gemist zijn je wondjes al genezen??)

    Take care lady.

    Gr. Miranda

  9. Dees je hebt helemaal gelijk hoor. Door je (heerlijke open) blog kan dit gebeuren maar het gedrag van die vrouw is ver over de grens. Snap ook je grenzen over lotjescontact. Ik ben een stuk minder gaan reageren op allerlei fora en daaruit voortvloeiende privémails. Te vaak meegemaakt dat ik me heel erg betrokken voelde en vervolgens, als die dames weer wat beter in hun vel zaten, niks nada meer lieten horen.
    Ik houd het bij m’n privéclubje (waar we helaas weer een vriendin moeten missen) en jouw blog, al reageer ik niet zo vaak meer. De fietstoer met Isis, geweldig weer zeg!

    knuf
    Ellen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s